Het probleem van de oppositie

Niets nieuws onder de zon. Euforie bij een nieuwe regering (zeker als het allemaal zo lang heeft geduurd) is normaal. De nieuwbakken premier kan zelfs op onmetelijke mediatieke mildheid rekenen als hij de eigen onkunde etaleert op het moment – Is dat hier ne kleutertuin of zo ? – dat hij de oppositie… onkunde verwijt. Ça passe. Maar niet getreurd: elke conclusie over succes of over mislukking is volstrekt voorbarig.

Positief is wel dat die nieuwe regering juiste conclusies trekt uit hét probleem van de vorige. Het effect van het voortdurende gekibbel – onder aanvoering van Kris Peeters, die godbetert in ruil voor opeenvolgende nederlagen van zijn partij een Europese topjob krijgt – is door de Zweedse regering zeer zwaar onderschat. Die fout wil men niet meer maken, en dat is goed.

Er kan er maar eentje de baas zijn

Maar er is en blijft het inherente probleem van zeven partijen met vaak tegengestelde ideeën, waarvan één partij incontournable is, en dus baas. Dat is er trouwens aan te zien : de PS is in het regeerakkoord veruit het minst slachtoffer van de talloze als-, indien- en behalve als het moet-zinnen. Anders gezegd: belastingverhoging is ongeveer het enige waarover dit kabinet wél al een beslissing heeft genomen.

Combineer dat met een casting om U tegen te zeggen, en je weet hoe laat het is. Chapeau, Paul Magnette. De retour du coeur is er. Zoals in ’88 met Guy Spitaels. (Eind jaren 90 heb ik achter de schermen van de Wetstraat Jean-Luc Dehaene talloze keren horen zeggen dat als die retour er toen niet was geweest, we een welvarend land waren geworden… Dit geheel terzijde).

we zullen meer belastingen betalen …

Alle Vivaldi-partners hebben overigens hetzelfde probleem: ze kunnen de eigen werkelijkheid proberen ontkennen, maar helaas zal diezelfde werkelijkheid niets vriendelijks terugdoen. Paarsgroen zal botsen op – in willekeurige orde – de centen, het gebrek aan hervormingsbereidheid (ook in het verleden), de links-rechts-tegenstelling, de verzuiling, de particratie, het communautaire probleem, de inefficiënte en zeer dure structuren. In één zin : Vivaldi zal botsen op de bestendige Belgische stilstand.

Oppositie wordt geen makkie

Gouden tijden dus voor de oppositie, dacht u ? Ik vrees van niet. Want ook die werkelijkheid bestaat. De werkelijkheid van drie partijen, waarvan er twee vanwege extremistisch geen rol (mogen/kunnen) spelen. Men kan dat laatste onjuist of onrechtvaardig vinden, maar én een onvervalst communistische partij én een (in essentie en vóór alles) anti-moslim-partij staan effectief op gespannen voet met de mensenrechten en met de uitgangspunten van onze democratie. Geen van die twee partijen kan/wil zich daar kennelijk uit bevrijden.

VB-affiches

Wie voor die partijen stemt, zegt foert. En dat mag. Het is zelfs begrijpelijk. Maar het staat wel vast dat alle anderen, zolang die met meer zijn, op hun beurt tegen die foertstemmers ook foert gaan zeggen. En het is zeer de vraag of we daarmee opschieten. En dat het moét opschieten als we niet in collectieve armoede willen terechtkomen, is het enige waarover we wél zekerheid hebben.

Gouden tijden dus voor de oppositiepartij die overblijft ? Ik vrees van niet. Die moet immers loskomen uit een aantal ambiguïteiten die ervoor zorgen dat ze veel te makkelijk in de hoek van de twee andere oppositiepartijen wordt gezet. Jaja, de N-VA is democratisch, maar je kan er maar weinig mee aanvangen. Zoiets.

Het is alweer Paul Magnette die de vinger op de wonde legt als hij zegt dat de N-VA balanceert tussen het VB en de Duitse CDU. Ik vrees dat dat klopt. En dat is ook niet erg, zolang men daar maar uit raakt. Het is – alweer geheel terzijde – tegelijk de sleutel tot de veelbesproken maar vooralsnog weinig tastbare herverkaveling van het politieke landschap…

Zijn N-VA en de Vlaamse regering aan een facelift toe ?

Er zijn wel honderd essentiële vragen; ik kies er een stuk of vijf uitAls de N-VA écht de grondstroom van Vlaanderen wil vatten, zal ze haar houding ten aanzien van België moeten uitklaren. Is het einde van België de echte en enige doelstelling, de grote droom ? Of is de doelstelling de welvaart en het welzijn van alle Vlamingen binnen een ruimer geheel dat er nu eenmaal is ? Kiest de N-VA voor de Vlaamse onafhankelijkheid aan de verre einder of voor efficiëntie en goed Vlaams bestuur op relatief korte termijn ?

Is de N-VA een systeempartij of een anti-systeempartij ? Volgt de partij de uitstervende traditionele Vlaamse Beweging of wijst ze die een nieuwe weg om haar tegelijk te revitaliseren ? Moet er niet ook eens gekeken worden naar het confederale verhaal ? Heeft in de loop van de jaren de Brusselaar geen eigen identiteit gekregen, en moeten nationalisten dat niet als eersten erkennen ? Moet aan dat confederaal model ook niet het kostenplaatje worden verbonden ? Aantonen dat dat stukken goedkoper is dan wat er is ? Is het weigeren van elke herfederalisering compatibel met eisen qua kostprijs en efficiëntie ?

En zijn de antwoorden op de vragen over de toekomst vandaag al terug te vinden in woorden en daden van de Vlaamse Regering ? Moet die regering de Vlamingen niet dringend verleiden tot de gedachte dat het inderdaad veel beter kan ? Gaat die regering in de komende jaren de zaak blokkeren ? Of faciliteren zonder tegelijk de eigen accenten op te geven ?

veel vragen te beantwoorden

En nu we toch bezig zijn, moet er niet ook eens gekeken worden naar toon en stijl, want die doen er toe. Wordt zogeheten rechtlijnigheid niet wat makkelijk verward met hard(vochtig)heid, gebrek aan manieren en verkrampte gelijkhebberij ? Spreken we oorlogstaal of de taal van het warme nest dat goed wordt bestuurd, uitgerekend omdat iedereen telt ? Moeten we niet, zelfs op het letterlijk eerste gezicht, zien dat er een verschil is met die andere partij die zich Vlaams-nationaal noemt ?

Zijn dat retorische vragen ? Zeer zeker. Ik zal dus tot bekentenissen overgaan : ik zing graag. Maar liever Lied van mijn Land (met verlangen en vertedering) dan de Vlaamse Leeuw (met de legerbenden die sneven). Voilà. Het is nu aan u.

SIEGFRIED BRACKE

Siegfried Bracke was gemeenteraadslid in Gent voor N-VA en Kamervoorzitter. Voordien was hij journalist bij VRT.
Foto’s (c) Gazet van Hove .