Ben Weyts : ‘10 jaar voor we de effecten van de hervormingen zullen zien.’

De stad Geraardsbergen gaf vorige week een sensibiliseringsfolder uit – Samen tegen corona – in vijf verschillende talen, waaronder Russisch en Arabisch. Een regelrechte overtreding van de taalwetgeving. Op de sociale media leidde dit tot byzantijnse discussies. Tot mijn grote verbazing kon een flink deel van de mensen zich vinden in de maatregel om deze meertalige folder uit te geven omdat het ‘zo bekrompen is om enkel in het Nederlands te communiceren’.

‘We leven immers in een geglobaliseerde, internationale context’. De nabijheid van de taalgrens zal ook wel meespelen, maar tijdens de discussie over de meertalige folder werd er ook gefocust op ‘de onbereikbaarheid’ van heel wat nieuwkomers die de urgentie niet voelen om zo snel mogelijk Nederlands te leren.

Kennis Nederlands nieuwkomers moet beter

Deze urgentie wordt hen trouwens onvoldoende bijgebracht. Tot voor kort was het voldoende om als nieuwkomer een cursus Nederlands (NT2) te volgen. Een resultaatsverbintenis was er niet. Het volstond om ongeveer 80% van de lesuren aanwezig te zijn. Anders is het in Nederland waar je als nieuwkomer toch al een mondje Nederlands moet kunnen praten. Wil je je succesvol inburgeren, dan moet je op zijn minst slagen voor een staatsexamen Nederlands (NT2) of een Nederlands diploma beroepsonderwijs halen.

Het verplichte taalniveau werd trouwens verhoogd van A2 naar B1. Het vereiste niveau ligt bij de noorderburen een pak hoger. In Nederland leidt deze aanpak tot felle discussies : of dergelijke strenge aanpak wel tot de verhoopte resultaten leidt. De problemen met nieuwkomers zijn er immers niet minder dan bij ons, maar je kan er tenminste Nederlands spreken met de allochtonen.

NT2-toetsen

In Geraardsbergen — maar ook in Ninove, Denderleeuw, Aalst… — zijn er straten, pleintjes, delen van wijken waar je met Nederlands amper overweg kan. Uiteraard kunnen we niet verwachten dat nieuwkomers in twee jaar tijd perfect Nederlands spreken. Sommige autochtone Vlamingen doen er zowat hun hele leven over. Maar het mag toch wel wat meer zijn. Zo voorziet het Vlaams regeerakkoord een burgerschapstest die uit vier pijlers bestaat : de kennis van het Nederlands, inzichten in onze Vlaamse samenleving, haar werking en de geschiedenis, de economische zelfredzaamheid en participatie en netwerk.

De inburgeraar moet zowel voor de NT2-toetsen als voor de cursus maatschappelijke oriëntatie slagen. Voor de duidelijkheid: inburgeraars zijn nieuwkomers van buiten de EU. Het gros van de nieuwkomers komt van binnen de EU, waarvoor dit traject niet geldt.

Taalachterstand genereert vele problemen

Ik heb een aantal jaren in de inburgeringssector gewerkt. Stel je niet te veel voor van de kennis van het Nederlands van inburgeraars. De Vlaamse overheid verwacht dat de inburgeraar op het einde van het traject het taalniveau A2 behaalt. Wat kan je dan ? ‘Je voert korte, sociale gesprekjes. Je geeft basisinformatie over jezelf, werk, omgeving, opleiding. Je begrijpt een langzaam gesproken babbeltje over een vertrouwd onderwerp. Je spreekt langzaam.’ In een Centrum voor Volwassenenonderwijs volg je daarvoor een cursus van 120 uren.

De kennis van het Nederlands is dan ruim onvoldoende om vlot in onze maatschappij aan de slag te gaan. Als een nieuwkomer dan niet dagelijks oefent, dan is deze cursus een maat voor niets, wat in onze sterk gesegregeerde samenleving zeker het geval is. Taalachterstand genereert vele problemen op heel veel maatschappelijke domeinen. Als nieuwkomers onvoldoende Nederlands kennen, dan zie je dat in heel veel statistieken negatief terugkeren.

Taalonderwijs in een sfeer van crisis

Bovendien vertoeven de nieuwkomers steeds minder in een stimulerende omgeving om Nederlands te leren. In eerste instantie laat het onderwijs het fel afweten. De geletterdheid bij de Vlaamse jongeren neemt in een duizelingwekkende snelheid af. Erik Moonen van de Universiteit Hasselt : ‘Als we zo voortdoen, is binnen vijf jaar een kwart van de jongeren niet meer in staat om de krant te lezen.’ 

Steeds minder leerlingen spreken trouwens thuis Nederlands. In Vlaanderen spreekt slechts 63% van de leerlingen thuis Nederlands. 37% spreekt dus soms tot helemaal geen Nederlands. Achtergrondkenmerken zoals de thuistaal spelen een grote rol in de onderwijsprestaties van leerlingen. In steden zoals Antwerpen en Gent spreekt ruim 50% van de leerlingen in het basisonderwijs een andere thuistaal. De algemene kennis van het Nederlands neemt dus geleidelijk af. Uit onderzoek blijkt dat de segregatie in het Nederlandstalig onderwijs over het algemeen sterk is toegenomen. De stijgende trend wordt als ‘robuust’ omschreven en wordt ‘gekarakteriseerd door concentraties van kansarme leerlingen’.

Minister Weyts

Om het tij in het onderwijs te keren heeft Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) verschillende pijlen op zijn boog. Zo wil hij gestandaardiseerde net- en koepel-overschrijdende proeven, een taalintegratietraject voor kinderen met taalachterstand en aangescherpte eindtermen. De impact van deze maatregelen mag zeker niet worden overschat. Tenslotte kan de minister enkele stimulerende maatregelen invoeren, want op het verloop van het proces heeft hij amper invloed. Bovendien zal het jaren duren vooraleer de maatregelen enig effect ressorteren. Intussen boert de kennis van het Nederlands verder achteruit.

Nieuwkomers moeten verantwoordelijkheid opnemen

Voor de Vlaamse regering is taalkennis Nederlands ‘de absolute topprioriteit voor iedereen’. In het regeerakkoord staat een batterij aan maatregelen opgesomd. Belangrijk is om een sensibiliseringscampagne op poten te zetten om Vlamingen zoveel mogelijk aan te moedigen om goed Nederlands te leren en te spreken.

Ook nieuwkomers zullen op hun verantwoordelijkheid moeten worden aangesproken om muren te doorbreken om zoveel mogelijk Nederlands te gebruiken. Wil je een taal goed leren, dan moet je je ook goed inburgeren. Intussen is de gestage achteruitgang van de kennis van het Nederlands ruim twintig jaar aan de gang. Volgens minister van Onderwijs Ben Weyts zal het zeker 10 jaar duren voor we de effecten van al die hervormingen zullen zien. De vraag is of we nog zoveel tijd hebben.

JULIEN BORREMANS
Julien Borremans is leerkracht, columnist en werkt mee aan verschillende internetfora.
Foto’s (c) Gazet van Hove .